De kinderen van groep 6 Hazesprong laten koken voor alle mensen die op maandag buurtsoep komen eten op de boerderij. Met oogst uit hun eigen schoolmoestuin, een kookpot op buitenvuur. Vaders, moeders, opa’s en oma’s erbij.
Dit idee ontstond gaandeweg het seizoen tussen Lindy en Wim, de moestuincoach van de Hazesprong en onze ‘chef buurtsoep’. “We vragen Jeroen erbij, dan moet het vast lukken.” Jeroen is vader van een van de kinderen uit deze klas, werkt veel in de schoolmoestuin én is chef-kok. Voilà.
Zo bedacht, zo gegaan. En wat werd het een mooie afsluiting van het moestuinseizoen. Er kwam zoveel samen!
Verbazing van een moeder dat haar zoon gewoon rode bieten eet. “Ja mam, maar dit is anders. Zelf geplant, zelf gemaakt.” Zoveel aandacht bij de kinderen voor de sfeer: gedekte tafels buiten, een lief menukaartje, een helpende hand naar elkaar. Een oude dame die wekelijks naar buurtsoep komt, genietend van zoveel kinderen om haar heen.
Burgerschapsonderwijs, natuureducatie, participatie. Tja, allemaal woorden die op deze middag te plakken zijn. Maar voor ons op de boerderij zit het ‘m in vooral de kleine dingen: samen een fijne tijd hebben met elkaar.
Voor het tweede jaar op rij heeft basisschool de Hazesprong haar schoolmoestuinen op de boerderij. Moestuincoach Lindy geeft er op maandag les. Ze laat de kinderen ervaren hoe nuttig insecten zijn, hoe het voelt om met je handen in de aarde te wroeten, hoe vroeg in het voorjaar je al groente kunt eten uit je eigen tuintje. En dat mislukkingen erbij horen… slakken, slakken, slakken… irritant!
Alle kinderen hebben in duo’s hun eigen lapje grond op de boerderij. Ze kunnen er elke dag heen als ze willen, de boerderij is immers elke dag open. Ouders mochten dit jaar ook een lapje. Wat blijkt, een langgekoesterde wens van best wat ouders: een moestuin proberen. Niet op de fiets naar de rand van de stad, maar gewoon in je eigen buurt, op een plek die je kent van toen de kinderen nog kleiner waren.
“Tussen de pompoenen en de pluktuin vind je tijd voor jezelf, maak je een praatje met een moeder uit de klas die ook net even langskomt. Het contact gaat zo gemakkelijk, ongedwongen, zonder moeten,” aldus een van de ouders. “De tuin schept ruimte voor ander contact. Je hebt het voor je het weet met elkaar over hele andere dingen die je bezighouden.”
Wat fijn dat wij de boerderij in het hart van onze wijk kunnen delen met velen en er ruimte scheppen voor echt contact.
Kijk nou eens wat een lief briefje overbuurvrouw Nora schreef aan Lijan, om te laten weten dat ze zondag in de moestuin had gewerkt. Zo begint je week op Boerderij de Goffert wel heel erg fijn.
Buurtgenoten, begeleiders, beheerders: samen dragen we verantwoordelijkheid voor deze mooie plek in onze eigen wijk.
José woont 50 jaar in de wijk, op de Hazenkampseweg. Haar tuin is in al die jaren haar passie geweest en dat kun je zien ook. Als je haar huis omloopt naar de achterkant sta je in een weelderige groene oase, met een imposante appelboom. Maar José merkte dat de lol van het tuinieren er afgelopen jaren beetje bij beetje af ging: de droogte, het vele snoeiwerk, de appeloogst.
Joost, Thijs, Wilbert en Willem kwamen als geroepen. Iedere vrijdag trekken zij vanaf Boerderij de Goffert de omliggende buurten in om buurtgenoten te helpen bij tuinklussen. Als dank voor de hulp schonk José haar appeloogst van dit jaar aan de boerderij: 70 kilo appels, manden vol. Met de gedachte om er op de boerderij iets leuks mee te doen met andere buurtgenoten.
Met zo’n mooi gebaar kunnen wij wel uit de voeten op de boerderij: groentezaak Sahin aan de Steenbokstraat gevraagd of de appels even in zijn koeling mogen liggen. Natuurlijk, kom maar! Op een mooie najaarsdag heeft Marlies de lange tafels gedekt op het terras en begint gewoon met wat mensen te schillen. Nieuwsgierige buurtgenoten schoven aan, schilden mee en kletsten ondertussen met elkaar over appelcider, over koken, over vroeger.
“Dit doet me denken aan mijn jeugd in Irak”, zei een van hen. Ze woont nu al een paar jaar om de hoek van de boerderij, in de Muntenbuurt. Ze mijmert al schillend over die tijd in Irak, hoe ze met het dorp de oogst verwerkten. Ook aan lange tafels, ook dat samenzijn. “Ik voel hier nu op de boerderij, aan deze tafel, een klein beetje van die warmte.” Marlies kletst nog wat verder met haar, ze blijken bij elkaar in de straat te wonen. “Misschien vraag ik haar binnenkort wel om aan te schuiven bij de soep op maandag op de boerderij. Daar vind je datzelfde gevoel.”