Misschien herken je het wel; soms zijn er van die donkere winterse, veelal aan het begin van je (werk)week, dagen waarvan je ‘s ochtends niet had verwacht dat ze zo zouden uitpakken…
Zo’n maandag waarop je denkt ‘was het nog maar weekend’.
Zo’n winterse grijze en kille ‘ik blijf eigenlijk liever binnen en draai me nog een keer om in mijn bed’ dag. Zo’n dag waarop je besluit dat je, ondanks dit, toch maar gaat werken op de boerderij. Omdat je je bedenkt dat je samen met een paar buurtbewoners groenten mag snijden voor het buurtsoepje, en uiteraard ook mag meegenieten van het eindresultaat!
Terwijl je lekker bezig bent komen de eerste bezoekers binnen wandelen om op te warmen, of wakker te worden, met een kopje koffie. Je begroet ze vrolijk, maakt tijd voor een praatje en snijdt daarna enthousiast verder. De soep moet natuurlijk wel op tijd klaar zijn. De buurtbewoners waar je mee samen werkt zetten een grote pan op het vuur en de ruimte vult zich met heerlijke geuren. Inmiddels begint het al gezellig druk te worden.
Op het moment dat je, samen met iedereen die zin heeft in een buurtsoepje, aan de lange tafel zit volgt er nog een verrassing.
Via ‘een buur’ zijn een paar dames van een koor uitgenodigd om een aantal liedjes te komen zingen. Op die grijze en kille dag zorgen warme soep, warme klanken en de warmte van samenzijn ervoor dat ‘zomaar een dag’ ineens verandert in ‘was het maar vaker zo’n dag!’.